Column: Liever een binnenbaan?

Dylan schreef dit 7 maanden geleden

Voor mij is het zo vanzelfsprekend. De zon op m’n gezicht, de fluitende vogeltjes, maar ook de verse sneeuw en koude wind door m’n haren. Het liefst 7 dagen per week, van de vroege ochtend tot de late avond, ik vind het heerlijk: buiten zijn. Tot mijn grote verbazing ontdekte ik kortgeleden dat er mensen zijn die liever voor een binnenbaan kiezen.

Van mijn ouders heb ik het nooit meegekregen. Als kind speelde ik uiteraard regelmatig buiten, maar familie uitjes naar het strand of een nationaal park waren er echt niet bij. Vol jalousie luister ik nu naar de verhalen van vrienden die als kind in de Ardennen hutten gingen bouwen of op de Veluwe leerde welke nootjes en besjes eetbaar zijn. Bij ons was de voetbalwedstrijd op zaterdag meer dan genoeg buitenlucht voor de rest van de week. Ik ging er echter altijd van uit dat dat kwam door een gebrek aan tijd of geld.

Toen ik aanraking kwam met surfen, snowboarden en hardlopen ging ik vaker naar buiten. Zodra de golven goed waren sprong ik op m’n fiets, weer of geen weer. Steeds vaker kwam ik in aanraking met gelijkgestemde mensen en buiten zijn werd de norm. Een zomerse dag was niet afgerond voordat al het hout op het kampvuur is verdwenen. Maar ook in de winter, wanneer er een dikke laag sneeuw ligt om geel te plassen, regen valt om doorheen te dansen of een koude wind tijdens het fietsen de wangen rood kleurt. Op latere leeftijd leerde ik dat in sommigen beroepsvelden één van de belangrijkste aspecten van het werk bestaat uit buiten zijn.
De blijdschap en verbazing van die ontdekking verdwijnt in het niets bij de absolute verbijstering toen ik recentelijk sprak met een goede vriend die hard op zoek is naar werk. Vacatures met een dergelijk criterium gaan linea recta ‘de prullenbak in. De gedachten aan buiten werken alleen al doet z’n tanden klapperen en z’n haren overeind staan. Op dat moment besefte ik me het: er zijn echt mensen die liever kiezen voor een binnenbaan!

En begrijp me niet verkeerd, ik weet dondersgoed dat het soms koud en nat kan zijn in Nederland. Zo liep ik in November nog uren in de regen op zoek naar een kudde bizons om m’n onderzoek te kunnen doen en in Januari stond ik in de sneeuw met een kettingzaag in m’n bevroren handen om dode bomen weg te halen. Maar hoe vaak ik daar ook aan terug denk, de warmte die door m’n lijf stroomt bij de gedachten dat ik de zoektocht naar een kudde wilde dieren of het beklimmen van bomen werk mag noemen wint het honderd keer van de koud van een beetje regen.

Dus als jullie nou allemaal die binnenbaan nemen, dan blijf ik wel lekker buiten.

Vergelijkbare verhalen

© 2017 Dylan gaat naar buiten

Alle rechten voorbehouden